vzw Herkenrode HERKENRODE vzw Vrienden van Herkenrode op Tuiltermolen
U bent nu hier: Home

Cisterciënzer Abdijen

Cisterciënzer Abdijen

  • meer informatie

    Cisterciënzer Abdijen

     

    Schrijver           : Jean-François Leroux-Dhuys en Henri Gaud

    Uitgeverij          : 

    Formaat             :

    pagina's             :

    Prijs                   : 30€

     

    Geschiedenis en architectuur

           Negen eeuwen geleden, toen de benedictijnen van de Orde van Cluny God verheerlijkten in de pracht van hun missen en de praal van hun kerken, stelde een onbekende monnik, Robertus van Molesme, voor om terug te keren naar de strikte naleving van de Regel van Benedictus van Nurcia. Ver van wereldse zaken moest men zich wijden aan het gebed en leven van de eigen handarbeid. Zo werd het ‘Nieuwe Klooster’ van Cîteaux het voorbeeld voor een hele schare ‘cisterciënzers’, koormonniken zowel als lekenbroeders, die verspreid over Europa zo’n zevenhonderdvijftig abdijen bouwden, de nonnenkloosters niet meegerekend.

           Onder de bezielende leiding van Bernardus van Clairvaux, de beroemdste van de ‘witte monniken’, werd de nieuwe orde al snel het geweten van het christendom, die de politieke macht controleerde en de feodale maatschappij aanzette tot daden ter ere van God. De sobere architectuur van de cisterciënzerabdijen legde een nieuwe esthetiek op aan de romaanse kunst, die de bouwmeesters van de orde tot haar hoogtepunt brachten, en aan de ontluikende gotische kunst die zij in heel Europa wisten te beïnvloeden. De agrarische en industriële bedrijven van de cisterciënzers namen evenzeer, en zeer doeltreffend, deel aan de technische evolutie van de twaalfde en dertiende eeuw.

           Deze geschiedenis en hoe ze in de architectuur tot uitdrukking komt, wordt beschreven in het eerste deel van dit boek van Jean-François Leroux-Dhuys en Henri Gaud. Hun benadering van het universum van de cisterciënzers beperkt zich echter niet, zoals vaak wel het geval is, tot de Middeleeuwen. De Orde van Cîteaux kent een rijke geschiedenis die nauw verweven is met de ontwikkeling van de rooms-katholieke kerk en van de politiek van de Europese staten, en die zich tot in onze tijd voortzet. De ‘witte monniken’ doen zich kennen als voorbeeldige bouwers die de stijlen van hun tijd toepasten. Dit gold vooral voor de barok die hen tot ware meesterwerken inspireerde, meesterwerken overigens die te vaak worden miskend en die in dit werk naar voren worden gebracht.

           De bewaard gebleven gebouwen en de ruïnes van cisterciënzerabdijen trekken nog altijd grote aantallen bezoekers. Het doel van dit boek is om inzicht te geven in de betekenis van het erfgoed van de cisterciënzers. Daartoe worden in het tweede deel van het boek 65 Europese cisterciënzerabdijen geanalyseerd, rijkelijk geïllustreerd met schitterende kleurenfoto's, tekeningen en plattegronden. Voor België zijn dat de abdijen van Orval en Villers-la-Ville.

    Jean-François Leroux-Dhuys is journalist en bouwkundig adviseur, heeft vele publicaties op zijn naam staan en is voorzitter van het 'Charte européenne des abbayes et sites cisterciens', die de eigenaars en beheerders verenigt van meer dan 120 cisterciënzerabdijen in Europa. Een zeer interessant boek. Met alfabetisch register.